Maurik W. Jeavons - Oorlogsslachtoffers uit Betuwe-West

Oorlogsslachtoffers uit gemeenten Buren, Culemborg en West Betuwe
Oorlogsslachtoffers West- Betuwe
Ga naar de inhoud

Maurik W. Jeavons

Gemeente Buren > Gesn. geallieerde militairen > Gesn. Britten
Achternaam: Jeavons
Voornamen: Wilfred Thomas
Voorletters: W T
Beroep: slager
Servicenummer: 5113593
Rang: sergeant
Geboorteplaats: Coseley, in de West Midlands
Geboortejaar: 1918
Geboorteplaats: Staffordshire, Engeland
Overlijdensdatum: 25 september 1944
Overlijdensplaats: Rijngebied bij Arnhem/Oosterbeek
Leeftijd: 26 jaar
Aanvankelijk begraven: Maurik
Later herbegraven: Jonkerbos, Nijmegen
Officiële status: vermist, zonder bekend graf
Herdenking: Groesbeek Memorial

Foto hiernaast is de naamplaquette op het herdenkingsmonument op bovengenoemde Erebegraafplaats
Stan en Wilf (r) als baby's (Bron Bob Jeavons)

Een gezin met drie militairen

Wilfred Thomas Jeavons, binnen zijn familie bekend als Wilf, werd in 1918 geboren in Staffordshire. Over zijn exacte geboorteplaats bestaat enige onzekerheid. Sommige Nederlandse bronnen noemen East Croydon in Surrey, maar het Britse Airborne Assault Museum vermeldt dat Wilfred in Staffordshire werd geboren en daar ook woonde. Dat laatste sluit aan bij de overige gegevens over de familie Jeavons in de omgeving van Coseley en Bilston.
Zijn ouders waren Thomas en Mary Jeavons. Wilfred had een tweelingbroer, Stanley, een jongere broer Dennis en een zus Doreen. Vooral de drie broers zouden tijdens de Tweede Wereldoorlog een opmerkelijke militaire loopbaan krijgen.
Stanley en Wilfred waren een tweeling. Stanley werd parachutist en diende als luitenant bij het 13th Parachute Battalion. Wilfred koos voor de luchtlandingstroepen en werd glider pilot. Hun jongere broer Dennis trad eveneens tijdens de oorlog vrijwillig in dienst, maar kwam bij de Royal Air Force terecht. Het Airborne Assault Museum bevestigt dat de drie broers tijdens de oorlog dienden.
Voor de familie moet het een bijzondere en tegelijkertijd spannende periode zijn geweest. Drie zonen waren tegelijkertijd in oorlogsdienst, maar ieder in een andere rol.

Zijn jongere broer Dennis

Dennis Jeavons werd op 16 september 1922 in Coseley, Staffordshire, geboren en was ongeveer vier jaar jonger dan Wilfred. In 1940, toen hij achttien jaar oud was, meldde hij zich vrijwillig bij de RAF.
Dennis werd in Canada opgeleid en kwam vervolgens bij Bomber Command terecht. Hij werd piloot van een Avro Lancaster en vloog tijdens de oorlog 21 operationele missies. Daarmee was ook Dennis betrokken bij een van de gevaarlijkste onderdelen van de geallieerde oorlogsinspanning.
Na de oorlog ging Dennis studeren aan de University of Birmingham. Later verhuisde hij naar Wolverhampton en werd hij actief in het bedrijfsleven. Uiteindelijk vestigde hij zich op het Isle of Man, waar hij zich onder meer bezighield met toeristische projecten en maatschappelijke activiteiten. Hij speelde een belangrijke rol bij de ontwikkeling van Tynwald Mills en bij de restauratie van Groudle Glen. Ook zette hij zich in voor de verbetering van de medische voorzieningen op het eiland. Dennis overleed in 1981, 59 jaar oud.
Het is opmerkelijk dat de drie broers tijdens de oorlog ieder op een heel andere manier bij de luchtlandingsoorlog en de luchtoorlog betrokken raakten:
Stanley als parachutist, Wilfred als glider pilot en Dennis als Lancasterpiloot.

Tweelingbroer Stanley

Over Stanley Jeavons is relatief veel bekend dankzij het onderzoek van het Airborne Assault Museum. Stanley was luitenant bij het 13th Parachute Battalion en werd in oktober 1943 bij RAF Ringway opgeleid tot parachutist.
Hij nam op D-Day, 6 juni 1944, deel aan de luchtlandingen in Normandië. Stanley voerde het bevel over een peloton van B Company. Later raakte hij tijdens de gevechten in Normandië gewond.
De militaire loopbaan van de beide tweelingbroers liep vervolgens uiteen. Stanley bleef bij de parachutisten, terwijl Wilfred als glider pilot deel uitmaakte van de luchtlandingstroepen die in september 1944 bij Arnhem werden ingezet. Het Airborne Assault Museum heeft een afzonderlijke biografische pagina aan Stanley gewijd, waarin Wilfred uitdrukkelijk als zijn tweelingbroer wordt genoemd.

Wilf (Bron: Bob Jeavons)

Van slager tot glider pilot

Voor de oorlog werkte Wilfred als slager. Toen de oorlog uitbrak, besloot hij evenals zijn broers dienst te nemen. Volgens de familie zou Wilf hebben gezegd dat hij niet zozeer wilde vechten, maar dat hij zijn plicht wilde doen.
Aanvankelijk kwam hij bij het Royal Warwickshire Regiment terecht. Vervolgens meldde hij zich vrijwillig voor de luchtlandingstroepen. Hij werd opgeleid tot Glider Pilot en kwam uiteindelijk bij het Glider Pilot Regiment van de Army Air Corps terecht. Hij bereikte de rang van sergeant.
Zijn correcte militaire dienstnummer was: 5113593.  Dat nummer is van belang, omdat in enkele Nederlandse bronnen het nummer 5113493 wordt vermeld. De Britse bronnen geven echter 5113593. Het Airborne Assault Museum vermeldt dit nummer en hetzelfde nummer komt voor in een oorspronkelijke personeelslijst van het Glider Pilot Regiment.


Engelse tank rijdt uit een Hamilcar zweefvliegtuig (Bron: www.hamilcar.co.uk

De Hamilcar

Als glider pilot vloog Wilfred met een General Aircraft Hamilcar. Dit was het grootste Britse transportzweefvliegtuig uit de Tweede Wereldoorlog. De Hamilcar was ontworpen om zware voertuigen, geschut en andere uitrusting te vervoeren die niet met de kleinere zweefvliegtuigen konden worden meegenomen.
Een Hamilcar kon onder meer een Tetrarch- of andere lichte tank vervoeren. Het toestel had geen motor en werd voor de vlucht naar het landingsgebied door een transportvliegtuig, meestal een Halifax of Stirling, naar het doelgebied gesleept. Eenmaal boven het landingsgebied koppelde de glider pilot het zweefvliegtuig los en moest hij het toestel zelfstandig naar de grond brengen. Voor een piloot was een dergelijke landing bepaald niet zonder gevaar. De landingsvelden waren vaak geïmproviseerd en konden onder vuur liggen. Ook bestond het gevaar van obstakels, kraters en vijandelijk vuur.
Het Airborne Assault Museum vermeldt specifiek dat Wilfred als glider pilot met een Hamilcar vloog.

Operatie Market Garden

Op 17 september 1944 begon Operatie Market Garden. Geallieerde luchtlandingstroepen werden op grote schaal boven Nederland gedropt en met zweefvliegtuigen aangevoerd. Het uiteindelijke doel was onder meer om de bruggen over de grote rivieren te veroveren en een snelle opmars naar Duitsland mogelijk te maken.
Wilfred Jeavons kwam met de luchtlandingstroepen in het gebied van Arnhem en Oosterbeek terecht.
De geallieerden slaagden er niet in de Rijnbrug bij Arnhem definitief in handen te houden. Na dagen van zware gevechten werd de Britse perimeter rond Oosterbeek steeds kleiner. Op 25 september werd besloten de overgebleven Britse en Poolse militairen terug te trekken over de Rijn.
Voor veel militairen zou deze terugtocht de laatste uren van hun leven betekenen.

De laatste nacht bij de Rijn

Het oorlogsdagboek van No. 1 Wing, Glider Pilot Regiment geeft een beeld van de omstandigheden waaronder de evacuatie plaatsvond.
Op de avond van 25 september 1944 trokken de geallieerde militairen door het donker naar de Rijn. Het regende hard en de terugtrekkende troepen werden onderweg beschoten door Duitse mitrailleurs en mortieren.
Rond 22.00 uur bereikten groepen militairen de Rijnoever. Daar moesten zij proberen met boten de zuidelijke oever te bereiken. De overtocht was buitengewoon gevaarlijk. De Duitsers beschoten de omgeving van de rivier en veel militairen raakten in het water. Het was bovendien donker en de rivier stroomde sterk. Militairen die in het water terechtkwamen, konden gemakkelijk worden meegesleurd.
Wilfred Jeavons zou de overtocht niet overleven. Het verliesregister van het Glider Pilot Regiment vermeldt hem op 25 september 1944 als:
Sgt. Wilfred T. Jeavons, 26 jaar, NKG (No Known Grave).

Zijn lichaam spoelt aan bij Maurik

Na de gevechten bleven langs de Rijn lichamen van geallieerde militairen achter. De sterke stroming voerde sommige lichamen stroomafwaarts mee.
Ook het lichaam van Wilfred Jeavons werd uiteindelijk teruggevonden. Het spoelde aan bij Maurik, tientallen kilometers stroomafwaarts van Oosterbeek.
Daarmee werd zijn naam verbonden aan de geschiedenis van de oorlogsslachtoffers van Maurik.
Wilfred werd in Maurik begraven. Hij lag daar aanvankelijk tussen andere Britse militairen die tijdens of na de terugtocht over de Rijn waren omgekomen. De lichamen werden later onderzocht en geregistreerd.
Na de oorlog werd besloten de Britse oorlogsslachtoffers die nog op verschillende Nederlandse begraafplaatsen lagen, over te brengen naar de grote Commonwealth War Graves-begraafplaatsen.

Van Maurik naar Jonkerbos

In 1954 werden de Britse militairen die in Maurik begraven lagen overgebracht naar de Jonkerbos War Cemetery in Nijmegen. Daar ontstond echter een probleem dat uiteindelijk grote gevolgen zou hebben voor de herinnering aan Wilfred Jeavons.
Bij de herbegraving kon de identiteit van de afzonderlijke lichamen niet meer met voldoende zekerheid aan de verschillende graven worden gekoppeld. Daardoor kreeg Wilfred geen grafsteen met zijn naam. Hij werd uiteindelijk opgenomen in de categorie Unknown. Officieel wordt hij daarom nog altijd beschouwd als een militair zonder bekend graf. Zijn naam staat op het Groesbeek Memorial, waar de vermiste militairen worden herdacht van wie geen bekend graf bestaat.

Het mysterie van de twee naamloze graven

Jaren later begon onderzoeker Philip Reinders zich te verdiepen in de militairen die na de Slag om Arnhem bij Maurik waren begraven. Reinders houdt zich al tientallen jaren bezig met onderzoek naar de Slag om Arnhem. Tijdens zijn onderzoek stuitte hij op archiefgegevens die erop wezen dat twee militairen die aanvankelijk als onbekend waren beschouwd, mogelijk alsnog konden worden geïdentificeerd. Het ging onder andere om: Sergeant Wilfred Thomas Jeavons en Leslie Bullock. Volgens het onderzoek waren beide militairen kort na hun overlijden al op grond van persoonlijke bezittingen geïdentificeerd. Dat maakt de latere onzekerheid rond hun graven extra opmerkelijk. Reinders onderzocht onder meer gegevens over kleding, uniformonderdelen en andere persoonlijke kenmerken. Op basis daarvan kwam hij tot de conclusie dat Wilfred en Leslie vrijwel zeker tussen de naamloze graven op Jonkerbos liggen.
De officiële identiteit van de twee graven werd echter niet door de Commonwealth War Graves Commission (CWGC) gewijzigd. Daarmee ontstond een bijzondere situatie: er is een sterke onderzoeksaanwijzing dat Wilfred Jeavons daadwerkelijk op Jonkerbos begraven ligt, maar officieel wordt hij nog steeds herdacht als vermiste militair.

De familie vindt Wilf terug

In 2017 kwam deze geschiedenis opnieuw onder de aandacht. Familieleden van Wilfred, onder wie zijn neef Bob Jeavons en nichten Carolyn en Rosemary, kwamen naar Nederland. Zij waren jarenlang op zoek geweest naar de plaats waar hun oom was gebleven.
Binnen de familie was de herinnering aan Wilf altijd blijven bestaan. Zijn grootmoeder Mary had jarenlang gehoopt dat hij nog zou terugkeren. Zolang zijn lichaam niet was gevonden en zijn overlijden niet volledig duidelijk was, bleef er ruimte voor de hoop dat hij ergens in leven was. Het bezoek aan Nijmegen was daarom bijzonder emotioneel.
Philip Reinders wees de familie op de twee naamloze graven waarvan hij vermoedde dat Wilfred en Leslie daar begraven lagen. De familie legde bloemen bij de graven. Voor het eerst sinds de oorlog had de familie daarmee een concrete plaats waar zij Wilf kon herdenken.

Erebegraafplaats Jonkerbos in Groesbeek

Nog altijd geen officiële identificatie

Het onderzoek naar Wilfred Jeavons is daarmee echter niet afgesloten.
De conclusie van Philip Reinders is geen officiële identificatie. De CWGC heeft zijn naam niet op een grafsteen geplaatst en zijn vermelding op het Groesbeek Memorial is niet verwijderd.
Reinders heeft erop gewezen dat moderne technieken mogelijk kunnen helpen om de identiteit van de onbekende militair alsnog vast te stellen. Daarbij kan bijvoorbeeld worden gekeken naar de beschikbare medische en tandheelkundige gegevens. Zolang een dergelijke officiële identificatie niet heeft plaatsgevonden, blijft de naam van Wilfred Jeavons op het Groesbeek Memorial staan.
Voor historisch onderzoek is het een opmerkelijke situatie: we weten waar Wilfred waarschijnlijk is omgekomen, we weten waar zijn lichaam werd gevonden en waar het aanvankelijk werd begraven, en er zijn sterke aanwijzingen voor zijn vermoedelijke graf op Jonkerbos. Toch is zijn identiteit op zijn uiteindelijke graf officieel niet vastgesteld.

De familie Jeavons in de Tweede Wereldoorlog

Het verhaal van Wilfred staat niet op zichzelf. Het is onderdeel van een bijzondere familiegeschiedenis.
Stanley Jeavons, zijn tweelingbroer, diende als parachutist bij het 13th Parachute Battalion en vocht onder meer in Normandië.
Wilfred Thomas Jeavons werd glider pilot bij het Glider Pilot Regiment en vloog met een Hamilcar. Hij kwam tijdens Operatie Market Garden in Nederland terecht en verdween tijdens de terugtocht over de Rijn.
Dennis Jeavons, hun jongere broer, diende bij de RAF en werd Lancasterpiloot bij Bomber Command. Hij overleefde de oorlog en bouwde na 1945 een nieuw leven op.
Ook hun zus Doreen maakte deel uit van het gezin Jeavons. Over haar verdere levensloop is vooralsnog veel minder informatie beschikbaar.
Zo werd een gezin uit Staffordshire tijdens de Tweede Wereldoorlog rechtstreeks geraakt door drie verschillende vormen van Britse militaire inzet: parachutisten, zweefvliegtuigpiloten en bommenwerpers.
Voor Wilfred liep het verhaal op 25 september 1944 tragisch af. Zijn naam bleef na de oorlog verbonden aan de vermisten van Arnhem, terwijl zijn lichaam uiteindelijk honderden kilometers? Nee, stroomafwaarts van de slag bij Maurik werd teruggevonden. Daarom hoort Wilfred Jeavons niet alleen thuis in de geschiedenis van de Slag om Arnhem, maar ook in die van Maurik en de slachtoffers die tijdens de evacuatie over de Rijn hun leven verloren.

Oproep
Philip Reinders roept, samen de familie van Wilf, oudere inwoners van Maurik op, die zich de eerste begrafenis nog kunnen herinneren, of de verplaatsing naar zijn laatste rustplaats op Jonkerbos. Of die iets weten van een lijkschouwing door de dokter of van persoonlijke bezittingen die zijn gevonden.
Wie meer weet, kan zich melden bij bobjeavons@manx.net of info@philipreinderswoiipublications.com

Wilf is onderscheiden met de War Medal 1939-1945 en de 1939-45 Star.

Zijn voorletter staat vreemdgenoeg foutief vermeld op een Memorial in de St. Chad's Church in Coseley.
Terug naar de inhoud