Crash Wadenoijen maart 1943 - Oorlogsslachtoffers uit Betuwe-West

Oorlogsslachtoffers uit gemeenten Buren, Culemborg en West Betuwe
Oorlogsslachtoffers West- Betuwe
Ga naar de inhoud

Crash Wadenoijen maart 1943

Gemeente West Betuwe > Gesn. Geallieerde militairen > Gesn. Britten en Nieuw-Zeelanders
Crash Avro-Lancaster in Wadenoijen op 2 maart 1943


Avro-Lancaster (Bron: Kago)

In de duisternis van de Tweede Wereldoorlog vloog een indrukwekkend en robuust vliegtuig door de nachtelijke hemel. Het was de Avro Lancaster, een bommenwerper die met zijn imposante afmetingen van 21,18 meter lang en 31,09 meter breed de lucht doorkliefde. Met een gewicht van 16.705 kg in lege staat en 29.000 kg wanneer volledig beladen, was deze gigant in de lucht allesbehalve te missen.
Gedreven door de kracht van vier krachtige Rolls-Royce Merlin XX V12 motoren, elk met een vermogen van 954 kW, was de Lancaster in staat om snelheden tot 450 km/h te behalen. De motoren gaven het vliegtuig de kracht die het nodig had om gevaarlijke missies te voltooien en diepe vijandelijke gebieden te bereiken. Met een actieradius van 4300 km en een indrukwekkend dienstplafond van 8160 meter, was de Lancaster een onmiskenbare dreiging in de lucht, zelfs boven de zwaarst verdedigde doelen.
De bemanning van de Lancaster bestond uit zeven moedige mannen die elk hun rol vervulden: van de piloot tot de boordschutters en navigators. Ze zaten binnenin een vliegtuig met een vleugeloppervlak van 120 m², dat hen zowel bescherming als kracht bood. Het vliegtuig was niet alleen snel en verwoestend, maar ook goed bewapend. Acht 7,7mm Browning machinegeweren bevonden zich in drie gevechtskoepels, zodat de bemanning zich tegen vijandige jagers kon verdedigen.
De Lancaster was niet zomaar een bommenwerper. Het had de capaciteit om maximaal 10.000 kg aan bommen te vervoeren, waarvan 6.400 kg de standaardlading was. Dit maakte de Lancaster een cruciale speler in de luchtcampagnes van de geallieerden, die gebruik maakten van deze krachtige vliegtuigen om de vijand te verzwakken en belangrijke strategische doelen te vernietigen. Het vliegtuig had een indrukwekkende laadcapaciteit en was in staat om de zwaarste bommen te vervoeren, zoals de Tallboy van meer dan 5 ton en de Grand Slam, die meer dan 10 ton woog. Beide bommen werden ontworpen door Barnes Wallis. Er is ook een speciale versie van het toestel die werd aangepast voor het droppen van stuiterbommen op de Duitse stuwdammen. De bemanningen die deze gevaarlijke missie succesvol voltooiden, staan bekend als de ‘Dambusters’.
Voor de bemanning was het geen gewone missie, maar een gevaarlijk avontuur door vijandelijk luchtruim. Terwijl ze hun bestemming bereikten, was het niet alleen de kracht van hun vliegtuig die hen op de been hield, maar ook de kracht van hun moed en vastberadenheid. Ze wisten dat elke vlucht een gevaarlijke onderneming was, maar dat was het offers die nodig waren om de strijd te winnen.
De Avro Lancaster symboliseerde de kracht van de geallieerde luchtmacht en bleef een icoon van de Tweede Wereldoorlog.


Crashplaats (Bron: Google Earth)

De bemanning van de Avro Lancaster Mk III (registratie ED 592) van 50 Squadron RAF (Code VN-B), steeg op RAF-basis Skellingthorpe (Lincs) om 19.01 uur op voor een aanval op Berlijn. Het had pas 38 uur vlieguren gemaakt en was pas sinds 7 februari 1943 in dienst van het Squadron.
Op de terugweg om 23.47 uur
boven De Weerd, 8 km ten oosten van Tiel werd de bommenwerper door nachtjagerpiloot Oberleutnant Horst Pause van de 1./NJG 1 van vliegbasis Gilze-Rijen in een BF 110 G-4 aangevallen. Na een luchtgevecht stortte het neer bij Het Broek in Wadenoijen, 5 km ten ten zuidwesten van Tiel, Nederland. De crashplaats ligt in Wadenoijen tussen de Bommelweg en Grasbroekstraat.
Overigens stortte het Duitse jachtvliegtuig Messerschmitt Bf 110G-4 (werknummer 4882) van 1./NJG 1, gevlogen door Oblt. Horst Pause (24) op 12 maart 1943 neer nabij Den Bosch. Hij en zijn radiotelegrafist Uffz. Eggert Willert (25) werden in een luchtgevecht neergeschoten door een RAF Stirling van het 15e Squadron. Ze liggen beiden begraven op het Duitse militaire kerkhof Ysselsteyn, respectievelijk in graf BL-3-75 en BM-3-51.

Wadenoijer Jan van de Kop schreef hierover het volgende in het historische periodiek De Drie Steden, jaargang 2005, deel 2:
"In het holst van de nacht van 1 op 2 maart 1943 speelde zich boven Wadenoijen een drama af. In 'Het Broek' (nu Grasbroekstraat), op ongeveer 500 meter achter het huis van Aard Boskaljon stortte een bommenwerper neer. Het betrof een Lancaster bommenwerper van het 50e Squadron van de RAF, met het registratienummer ED-592VN-B. Het toestel was om 19.01 uur opgestegen van Skellingthorpe in Engeland, voor een bombardementmissie op Berlijn. Omdat Nederland geblindeerd was (er mocht in de avond en nacht geen lamp meer branden) kon men vanuit een vliegtuig moeilijk aanknopingspunten vinden. Daarom vloog men meestal dicht bij een rivier; door het weerkaatsen van het water kon de navigator beter de weg naar het doel vinden.
Aan boord was nog de volledige lading bommen, munitie en wat dies meer zij.
Mijn dorpsgenoot Antonie Vermazen wist mij nog het volgende daarover te vertellen: "Nadat het toestel aangeschoten was, vloog het brandend met oorverdovend lawaai over Wadenoijen. Door de brand explodeerde de lading in het toestel. Hierdoor verloor het toestel veel brandende onderdelen. In de ochtend van 2 maart was het vervolgens een komen en gaan van Duitse militairen bij het gebied waar de resten van het vliegtuig en haar bemanning waren neergestort. Ook inwoners van Wadenoijen gingen daar een kijkje nemen."
Ooggetuigen die nog in leven zijn, vertelden mij het volgende: "Om het neergestorte vliegtuig lagen nogal wat menselijke resten van de bemanning. Dit was gruwelijk om aan te zien."
Door de Duitsers werden Johan Kars, de timmerman (deze was lid van de gemeentelijke luchtbeschermingsdienst) en Hend Westrienen, de begrafenisondernemer erbij gehaald. Deze moesten ervoor zorgen dat de menselijke resten werden opgeruimd.  
George Kars, de zoon van Johan, vertelde: "Mijn vader was hiermee begonnen. Even later kwam er een Duitser bij die zei dat hij hiermee moest stoppen, want als hij dat zo met zijn blote handen aanpakte, zou hij ziek kunnen worden. Mijn vader moest van die Duitser een mestvork gaan halen en het daarmee opruimen. Dezelfde dag nog zijn de resten op het kerkhof in Wadenoijen begraven."
Ook Manus de Weerd, hij woonde bij de Hogedijk (de Velate), hoorde in die nacht een oorverdovend lawaai: "Ik meteen het bed uit. Door het raam zag ik een brandend vliegtuig over de Bredestraat vliegen, dat brandende stukken verloor. Even later stortte het neer. Na de oorlog is het grotendeels uit de grond gehaald door een bergingsbedrijf uit Noord-Brabant." Volgens Adriaan Monhenius is dat gedaan met behulp van dwangarbeiders."

Foto van 1e grafkruis (copyright R. Hardman)

De omgekomen bemanning maakte deel uit van het 50e Squadron van de RAF. Hun strijdleus was: Sic fidem servamus (Thus we keep faith)
No. 50 Squadron RAF was een squadron van de Royal Air Force, opgericht tijdens de Eerste Wereldoorlog als een verdedigingseskader. In de Tweede Wereldoorlog en de Koude Oorlog diende het als een bommenwerpersquadron en werd uiteindelijk ontbonden in 1984.
Tijdens de Tweede Wereldoorlog vloog No. 50 Squadron vanaf RAF Waddington met toestellen zoals de Handley Page Hampden, Avro Manchester en later de Avro Lancaster. Het squadron voerde strategische bombardementsmissies uit en nam deel aan grote operaties, zoals de aanval op Keulen in 1942 en de laatste RAF-missie tegen een olieraffinaderij in Noorwegen in april 1945. In totaal vloog het squadron 7.135 missies en verloor het 176 vliegtuigen.

 
De Nederlands-Hervormde kerk in Wadenoijen, met rechtsachterin de 7 graven van de bemanningsleden van de ED592 en rechts het graf van  Frank Hardman (Bron foto's R. van de Velde)

Rolverdeling in de bommenwerper

When the sun sets, and darkness falls. I will remember.
When the sun rises, and another day is born. I will remember

Bemanningsleden:

1.
Francis werd in oktober 1920 geboren in de historische stad York als enig kind van Francis Lea Townsend en Ellen Robinson. Zijn vader werkte als klerk bij de spoorwegen, wat in die tijd een stabiele middenklassebaan was. In juli 1942 trouwde Francis in York met Gladys Mary Stirk. Hun huwelijk was door de oorlog van korte duur; al snel na de bruiloft moest Francis terug naar zijn eenheid voor de gevaarlijke bombardementsvluchten boven Duitsland.
Toen Francis in de nacht van 2 maart 1943 sneuvelde, was zijn vrouw Gladys in verwachting. Hun zoontje, Francis Eric Townsend Jr., werd een half jaar later geboren in september 1943. Helaas werd het leven van de jonge Francis Jr. eveneens getekend door tragiek: hij overleed in 1970 op slechts 27-jarige leeftijd. Weduwe Gladys hertrouwde in 1948 met Freddie Wager, met wie zij nog een kind kreeg; zij overleed in 2004 op 83-jarige leeftijd. Francis rust op de begraafplaats in Wadenoijen.







Wallace Dawe (Bron F. Bastin)


2. Sergeant Wallace Arthur "Jack" Dawe (Achterste Luchtschutter)
Wallace Arthur, binnen zijn familie en vriendenkring steevast "Jack" genoemd, werd op 25 september 1920 geboren in Wandsworth, een district in zuidwest-Londen. Hij groeide op aan Nutshell Street in Tooting, een volkrijke en levendige buurt. Zijn vader, Wallace Edgar Dawe, was veteraan uit de Eerste Wereldoorlog en werkte na de vrede als arbeider in de openbare dienst.

Jack trouwde op jonge leeftijd, op 29 april 1939 en enkele maanden vóór het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog, in het registratiekantoor van Wandsworth met Vera Annie Ackerman. Samen kregen zij een zoontje, Anthony Peter Dawe, geboren in het najaar van 1939. Na het sneuvelen van Jack in 1945 bleef Vera achter met hun jonge zoontje in Surrey. Zij is de herinnering aan haar man altijd trouw gebleven en is nooit meer hertrouwd; zij overleed in 2016 op 95-jarige leeftijd. Zoon Anthony Peter overleed in 2017.
Op zijn grafsteen in Wadenoijen staat de tekst: "He was no old campaigner of the skies, no bitter knowledge haunted those clear eyes."
Graftekst: "HE WAS NO OLD CAMPAIGNER OF THE SKIES, NO BITTER KNOWLEDGE HAUNTED THOSE CLEAR EYES"


Bron: https://losses.internationalbcc.co.uk  

3. Sergeant Peter John Rose (Rugkoepelschutter)
Peter John werd in maart 1921 geboren in West Derby, een wijk in Liverpool. Hij groeide op in een welgestelde omgeving aan Camphill Road in Woolton, dezelfde wijk waar later onder andere John Lennon zou opgroeien. Zijn vader, George Grimshaw Rose, was actief als handelsreiziger en vertegenwoordiger in katoengoederen. Peter kwam uit een gezin met drie kinderen; hij had een oudere zus, Joan, en een jongere broer, George Alan.

Met het uitbreken van de oorlog meldde Peter zich in 1941 aan als vrijwilliger bij de Royal Air Force Volunteer Reserve. Na een strenge opleiding als boordschutter werd hij ingedeeld bij het zware bommenwerpersoptreden van Bomber Command. Hij vond zijn laatste rustplaats in Wadenoijen, met op zijn graf de bijbelse tekst: "For he brought them out of darkness and out of the shadow of death" (Psalm 107:14).
Graftekst: "FOR HE BROUGHT THEM OUT OF DARKNESS AND OUT OF THE SHADOW OF DEATH" (Psalm 107:14)


Alfred Sandow (Copyright fam. Sandow)

4. Sergeant Alfred Sandow (Boordwerktuigkundige)
Alfred werd op 28 augustus 1920 geboren in Harrow, Middlesex. Hij stamde uit een Joodse familie. Zijn vader, Hyman Sandow, was rond de eeuwwisseling vanuit Oost-Europa naar Engeland geëmigreerd om te ontkomen aan armoede en antisemitische pogroms. Hyman trouwde in 1911 in Londen met Kate Rosenfeldt. Alfred groeide op in Kenton samen met zijn broer Joseph en zijn zussen Minnie en Hilda. De familie was nauw betrokken bij de Joodse gemeenschap; Alfred staat tot op de dag van vandaag vermeld op het ere-oorlogsmonument van de Harrow Synagogue.

Voor zijn militaire dienst werkte Alfred als technisch tekenaar op de cruciale ontwerpafdeling van de beroemde vliegtuigbouwer De Havilland Aircraft Company in Hatfield. Ondanks dat dit vak vanwege het belang voor de oorlogsindustrie eigenlijk was vrijgesteld van militaire dienst, koos Alfred er op 11 augustus 1941 bewust voor om zich aan te melden als vrijwilliger bij de luchtmacht. Na het verlies van Alfred en het overlijden van vader Hyman emigreerde moeder Kate met dochter Hilda naar Miami in de Verenigde Staten.
Op Alfreds grafsteen in Wadenoijen prijkt de Davidster, vergezeld van de tekst: "Forever in our thoughts. Mum, Joe, Minnie, Hilda and relatives in England and U.S.A."


5. Sergeant Harold Wood (Navigator)
Met zijn 33 jaar was Harold aanzienlijk ouder dan de gemiddelde jonge twintiger die de bommenwerpers bemande. Hij werd op 24 mei 1909 geboren in Attercliffe, een arbeiders- en industriewijk in het staalhart van Sheffield. Zijn vader, Edward Wood, werkte als meester-smid in de zware metaalindustrie van Yorkshire.

Harold trouwde in 1934 in Sheffield met Winifred Killilea. Vóór zijn actieve diensttijd bij de RAF werkte hij als leidinggevend winkelmanager in zijn geboortestad. Door zijn levenservaring en oudere leeftijd vervulde hij als navigator een cruciale en betrouwbare rol aan boord van de Lancaster.





 
6. Sergeant William Charles Yetton (Bommenrichter / Navigator)
William Charles werd op 17 juni 1908 geboren in South Mimms, Hertfordshire. Zijn jeugd werd overschaduwd door vroege verliezen: zijn vader overleed al in 1909 toen William nog geen jaar oud was. Toen in 1923 ook zijn moeder Georgina overleed, werden de kinderen op jonge leeftijd wees en moesten zij door familie worden opgevangen.

Ondanks deze moeilijke start werkte William hard om een stabiele toekomst op te bouwen. Vlak voor de oorlog werkte hij als bankklerk bij de vooraanstaande Barclays Bank in Londen. In april 1938 trad hij in het huwelijk met onderwijzeres Edna Margerison. Samen kregen zij twee zoons: Christopher en Philip. Het jongste zoontje, Philip, was nog maar een paar weken oud toen zijn vader in de nacht van 2 maart 1943 omkwam en hem nooit heeft gekend. Weduwe Edna hertrouwde in Barnet in 1964 met Harold Fenton Hemstock (1903-1977) en overleed in 1985.



7. Sergeant David George Hobbs (Radiotelegrafist / Schutter)
David George werd in september 1921 geboren in Brentford, Middlesex, maar verhuisde voor de oorlog met zijn ouders naar Ashcombe Road in Wimbledon, zuid-Londen. Hij was de oudste zoon van Frank Hobbs, die als kantoorbediende bij een waterleidingbedrijf werkte, en Nellie Sarah Dunthorne. David had één jongere zus, Dora Lilian, die in 1923 werd geboren.

Voor zijn oproep bij de luchtmacht werkte David als junior kantoorbediende in Londen. Zijn zus Dora bleef haar hele leven de nagedachtenis aan haar omgekomen broer koesteren; zij overleed op hoge leeftijd in 2016. De indringende tekst op hun gezamenlijke grafsteen in Wadenoijen werd door het gezin gekozen om David voor altijd te gedenken: "The years roll on, the days go by, loving memories never die. Mum, Dad and Dora" (Graf 7).

Elk jaar wordt op 4 mei door de plaatselijke Oranjevereniging uit Wadenoijen
een dodenherdenking gehouden
op de begraafplaats bij de kerk van de Protestantse Gemeente Tiel-Wadenoijen. Klik hier voor een verslag hiervan uit 2022.

Bron foto's grafstenen: R. van de Velde

Terug naar de inhoud