Crash Lancaster Maurik-Zoelmond 1945
Gemeente Buren > Gecrashte geallieerde vliegtuigen
De crash van Avro Lancaster HK770 (GI-T) bij Zoelmond, 22 april 1945

Avro Lancaster- Bron Kogo
Op 22 april 1945, slechts twee weken voor het einde van de Tweede Wereldoorlog in Europa, stortte een Britse Avro Lancaster bommenwerper neer in het grensgebied tussen Zoelmond, Rijswijk en Maurik in de Gelderse Betuwe. Het toestel was zwaar getroffen tijdens een bombardementsmissie boven Bremen. Dankzij het heldhaftige optreden van de piloot overleefde de volledige zevenkoppige bemanning de catastrofe. Recent archiefonderzoek uit officiële logboeken en onofficiële dagboeken geeft een spectaculair en gedetailleerd beeld van de laatste gevechtsvlucht van No. 622 Squadron.
Het toestel en de basis
- Type: Avro Lancaster B Mk I
- Serienummer: HK770
- Squadron: No. 622 Squadron (RAF)
- Code: GI-T
- Thuisbasis: RAF Mildenhall, Suffolk, Verenigd Koninkrijk
De vlucht en de voltreffer
Op zondagmiddag 22 april 1945 om 15.10 uur steeg de Lancaster samen met 15 andere toestellen van No. 622 Squadron op van RAF Mildenhall voor een dagelijkse bombardementsvlucht naar Bremen. Vanwege dichte bewolking boven het doelwit maakte het toestel gebruik van de zogenaamde G/H-bombardementstechniek. Dit nauwkeurige navigatie- en richtsysteem werkte met radiosignalen via grondstations in bevrijd gebied, waardoor de bemanning blind door de wolken heen kon mikken.
Juist vanwege deze techniek moesten de bommenwerpers in een strakke, voorspelbare formatie vliegen. Dit maakte hen een kwetsbaar doelwit voor de radar-gestuurde Duitse Flak-batterijen rond Bremen. Terwijl de Lancaster zich om 18.28 uur op de laatste bombardementsrun bevond, kreeg het toestel een voltreffer van het luchtafweergeschut. De inslag trof de buitenste linkermotor, die samen met ongeveer twee meter van de vleugeltip volledig werd weggeslagen. Het achtergebleven gat in de vleugel vatte direct vlam.
Het vliegtuig raakte zwaar uit balans en maakte een angstaanjagende, tollende duikvlucht van 18.000 voet (ongeveer 5,5 kilometer) naar 12.000 voet (ongeveer 3,6 kilometer). Ondanks de enorme G-krachten wisten de piloot en zijn flight engineer het toestel wonder boven wonder weer onder controle te krijgen, waarna de bommenlading in veiligheid werd gebracht en het bevel om te springen ("Bail out!") werd gegeven.
Omdat de brandende Lancaster na de voltreffer nog een aanzienlijk stuk sturend en zwevend heeft afgelegd richting bevrijd gebied, raakte de bemanning tijdens de afsprong over een groot gebied verspreid. De feitelijke inslag van het volledig onbestuurbare toestel vond uiteindelijk plaats in de uiterwaarden en akkers op de grens tussen Zoelmond en Maurik. Van de zestien opgestegen toestellen van No. 622 Squadron die dag, was de HK770 het enige vliegtuig dat niet terugkeerde op Mildenhall.
De bemanning: hun avontuur en naoorlogse sporen
De volledige bemanning overleefde de sprong en werd krijgsgevangen gemaakt (POW):
1. F/Lt Edward George Cook (Piloot): Ontving voor zijn meeslepende moed en het redden van zijn bemanning het Distinguished Flying Cross (DFC). Omdat het Duitse transportsysteem eind april 1945 volledig platlag, kon hij niet meer naar een POW-kamp in Duitsland worden afgevoerd. Hij werd eerst opgesloten in de gevangenis aan het Wolvenplein in Utrecht en vervolgens overgebracht naar een geïmproviseerd krijgsgevangenkamp op Terschelling (bij Hotel Oepkes). Mogelijk staat Cook op een bekende groepsfoto van 16 krijgsgevangenen op Terschelling (waarop ook de Amerikaanse fotoverkenningspiloot Richard Brown staat). Na de oorlog emigreerde Cook naar Lake Havasu, Arizona (VS).
1. F/Lt Edward George Cook (Piloot): Ontving voor zijn meeslepende moed en het redden van zijn bemanning het Distinguished Flying Cross (DFC). Omdat het Duitse transportsysteem eind april 1945 volledig platlag, kon hij niet meer naar een POW-kamp in Duitsland worden afgevoerd. Hij werd eerst opgesloten in de gevangenis aan het Wolvenplein in Utrecht en vervolgens overgebracht naar een geïmproviseerd krijgsgevangenkamp op Terschelling (bij Hotel Oepkes). Mogelijk staat Cook op een bekende groepsfoto van 16 krijgsgevangenen op Terschelling (waarop ook de Amerikaanse fotoverkenningspiloot Richard Brown staat). Na de oorlog emigreerde Cook naar Lake Havasu, Arizona (VS).
2. Sgt Thomas McLaren (Flight Engineer): Zorgde er tijdens de fatale duikvlucht voor dat de brandstoftoevoer naar de brandende motor werd afgesloten, waarmee hij een snelle explosie voorkwam.
3. F/O Melville Parry (Navigator): Bedieningsman van de complexe G/H-apparatuur. Sprong boven Duitsland.
4. F/O Peter David Gough (Bomb Aimer): Lag voorin de neus en was waarschijnlijk de eerste die via het noodluik voorin sprong.
5. F/O Robert Walker Sherry (Wireless Operator): Sprong eveneens via het noodluik aan de voorzijde.
6. Sgt Terence James / Charles T. Savage (Mid-Upper Gunner): In officiële RAF-documenten staat hij vermeld onder verschillende initialen (T.J., C.T. of James). Charles was afkomstig uit Turvey (Bedfordshire). In het dorpsblad Turvey News en de Turvey History-archieven wordt verteld over zijn "narrow escape from a stricken Lancaster bomber in 1945". Na de oorlog keerde hij via de RAF-basis Leighton Buzzard terug naar Engeland. Hij werkte eerst in het bouwbedrijf van zijn vader en runde later met zijn vrouw de elektrazaak Invern Electrics aan de High Street in Turvey.
7. Sgt Ronald Charles Hagerty (Rear Gunner): Verliet samen met Savage het toestel via de achterdeur van de romp.
Historische betekenis: De allerlaatste verliesvlucht
Historische betekenis: De allerlaatste verliesvlucht
De crash van Lancaster HK770 bij Zoelmond heeft een bijzondere historische lading: het was het allerlaatste operationele verlies van No. 622 Squadron RAF in de Tweede Wereldoorlog.
Slechts enkele weken na deze crash en de gevangenneming van de bemanning veranderde de rol van het squadron ingrijpend. Tijdens Operatie Manna in mei 1945 vlogen de overgebleven Lancasters van No. 622 Squadron niet meer met bommen, maar met voedselpakketten boven het hongerend westen van Nederland.
Na de oorlog bleef No. 622 Squadron actief als transport- en reservistensquadron en is tegenwoordig gestationeerd op RAF Brize Norton.
Veel dank verschuldigd aan Heidi van Houten