Gesn. Culemborgers in Duitse dienst - Oorlogsslachtoffers West-Betuwe

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Gesn. Culemborgers in Duitse dienst

Gemeente Culemborg
Omgekomen Culemborgers in Duitse dienst

Vermeldenswaard is het feit dat er tijdens de Tweede Wereldoorlog ook zeven Culemborgers in Duitse dienst zijn omgekomen. Drie van hen bezaten de Duitse nationaliteit en moesten verplicht in militaire dienst. De overige die op dezelfde lijst stonden, hadden een foute keuze gemaakt. Zij geloofden in een ideologie die verwerpelijk was. Het zal mogelijk mensen kwetsen de namen te lezen van foute Culemborgers. De webmaster heeft echter gemeend dat in een historisch document hun namen niet mochten ontbreken. Doordat zij deel uitmaakten van het Duitse leger, worden zij toch al niet erkend als oorlogsslachtoffer. Wie in vreemde krijgsdienst gaat en daarbij het leven laat, is toch een ander soort slachtoffer dan degene die niet actief vecht, maar wel het leven laat als gevolg van oorlogsgeweld dat van buiten komt.
Zesenzestig jaar na het einde van de Tweede Wereldoorlog moet het toch mogelijk zijn, althans laat ik het proberen, om tot verzoening te komen met het verleden. In deze kwestie houd ik echter terdege rekening met de gevoelens en standpunten van familieleden van omgekomen Culemborgers. Iemand beschreef dit onlangs heel treffend: 'Natuurlijk valt niet te ontkennen dat leden van deze groep slachtoffer zijn van de oorlog, maar zij hebben het slachtofferschap meestal zelf en vrijwillig en op verwerpelijke gronden gezocht en dat kan inhouden dat zij in bepaalde kring herdacht kunnen worden, maar niet op 4 mei met degenen die zij direct of indirect vermoord hebben.' 


Op bezoek in Zoelmond bij fam.Van Deutekom. Links de tweede moeder (huishoudster Maria Albers), daarnaast eerste moeder Dirkje Bonhof, vader Hendrik,  broer Dick en zus Jo.  Rechts de broer van vader. Vooraan in matrozenpak Hans.
 
Rouwadvertentie in de CC van januari 1942  Hans met zijn vader (Bron foto's: dhr. Van Deutekom uit Zoelmond)

  • Hans Johannes Leonardus van Deutekom was de eerste Culemborger in Duitse dienst, bij SS-Schütze Standarte "Westland", die op 27 december 1941 sneuvelde in Škofja Loka  (in Duits: Bischoflack), dat ligt tussen Kranj en Ljubljana in Slovenië.
De vader van Hans was Hendrik Hessel van Deutekom (1877-1935). Hij trouwde tweemaal. Zijn eerste echtgenote en moeder van Hans was Dirkje Johanna Bonhof (1886-1925) en zijn tweede vrouw was Maria Wilhelmina Cornelia Albers. Hans werd geboren op 13 oktober 1923.
Hij woonde met zijn tweede moeder, zijn veel oudere broer Dick en zus Jo op de Havendijk. Zijn eerste moeder kwam in 1925 door een ongeluk met een losgeraakte boerenwagen in haar straat om het leven. Ze kon Johan redden door hem boven haar hoofd te houden, terwijl ze bekneld raakte. Zijn vader, die directeur van het postkantoor was, overleed reeds in 1935. De voogd kon niet voorkomen dat Hans en zijn broer Dick dienst namen als soldaat (Gefreiter) in het Duitse leger.
Hans' familie behoorde tot de beter gesitueerden in Culemborg. Directeur Dietz, van Duitse afkomst en erg Duitsgezind, van de Culemborgse steenfabriek was bijv. een zwager van hem.
Dick keerde na de oorlog wel weer terug van het front en verhuisde samen met zijn zus naar Zuid-Limburg.

 
  • Dirk Lodewijk Hak (geb. te Culemborg 16-06-1921) Zijn ouders waren de Ravenwaayer Huibert Cornelis Hak (*1883) en de Culemborgse Hendrika Helmont. Ze kregen de volgende kinderen: Antonia Johanna (*1910), Hendrika Huiberta (*1911), Huiberdine Hendrika (*1913), Janna (*1916), Arie Gerrit (*1917-1997), Roelofina Hendrika (*1920), Dirk Lodewijk en ten slotte Gerritje (*1925). Het was algemeen bekend dat Dirk dienst had genomen bij het Duitse leger. Begin 1945 kwam hij nog eenmaal op familiebezoek naar Culemborg, maar maakte toen een erg verwaarloosde indruk. De familie gaf hem de raad om onder te duiken, maar hij wilde terug om een collega ook de kans te geven om een familiebezoek in Nederland af te leggen.  
Op 2 mei 1945 overleed Dirk in het Duits militaire ziekenhuis Beelitz, nabij Potsdam. Het is niet bekend waar hij precies is begraven.
Links Gerrit Hak en daarnaast Lodewijk    Bron: Paela S.
 
  v.l.n.r. Huibert Cornelis Hak, Lodewijk, Arie Gerrit en zijn vrouw Mina Krouwel en baby Huib   
 
  • Pieter van Haaften (*geb. 17-7-1919), was meubelmaker bij meubelfabriek Van IJzendoorn en werkte ook bij de familie Veldt achter de ijscowagen. Hij stond in de stad bekend als een echte vechtersbaas.
Pieter was in 1937 in Tiel Gelders kampioen worstelen geworden. Hij was lid van van de landelijk bekende Culemborgse worstelclub Sterk door Vriendschap (SDV)
In 1940 was hij dienstplichtig Nederlands militair (zie linker foto) en vocht in de meidagen nabij Venlo tegen de Duitsers.
Toen zijn verkering met Dicky de Goei uit Leerdam uitraakte, sloot hij zich uit frustratie aan bij het Vrijwilligers Legioen Nederland en maakte vervolgens de overstap naar de Waffen-SS. Hij was één van de circa 22.000 Nederlanders die zich hierbij aansloot. Zijn rang was SS-Sturmmann (korporaal).
Hij was verloofd met M. Snieder.
Pieter was 24 jaar toen hij op 8 maart 1944 sneuvelde ‘in de strijd tegen het Bolsjewisme’op het Bruggenhoofd van Narva in Estland. Hij ligt in Popowka in Rusland begraven.
(Advertenties John Plas)  
  
  • Reichsdeutscher Johann (Hans) Kögel was geboren op 31 januari 1925 in Culemborg en woonde destijds op Goilberdingerstraat 9. Zijn vader verhuisde samen met Wim Richters vader na de 1e WO vanuit Duitsland naar Culemborg, waar hij een elektrisch-installatiebedrijfje had in de Everwijnstraat. Hans wilde inlijving in het Duitse leger proberen te ontlopen door onder te duiken en hij had ook al een adres gevonden. Uiteindelijk durfde hij het niet aan vanwege mogelijke Duitse represailles tegen zijn ouders.
Hans was ook een begenadigd voetballer en speelde bij Vriendenschaar.
Hij had als rang soldaat (Gefreiter)bij de Wehrmacht. Hans is op 28 april 1945 echter als parachutist van de 8./Fsch.Jg.Rgt. gesneuveld in Pozzo, Italië. Hij lag eerst begraven in S.Giovanni Lupatoto, in provincie Verona. In 1967 is hij overgebracht naar het oorlogskerkhof te Costermano (Italië).
Hans als 17-jarige
  Hans in Duits uniform actief nabij het Italiaanse Palermo  Bron foto's: Frits Hilmer

  • Arie van Mourik, kwam oorspronkelijk uit Geldermalsen. Nadat zijn vader een ongeval had gekregen en als gevolg daarvan de kost voor het gezin niet meer kon verdienen, toog het gezin kort voor de oorlog naar Culemborg. Hier was meer werkgelegenheid en konden de jongens uit het gezin op de meubelfabriek de kost voor het gezin verdienen. Ze woonden aan de Lekdijkstraat. 
Door bemiddeling van een bekende Culemborgse NSB'er werd Arie, door financiële nood gedwongen, op 18-jarige leeftijd in 1944 geronseld. Hij tekende bij hem een aanmeldingsformulier voor de NSKK. Arie kreeg er al gauw spijt van en zijn moeder bezocht toen de aanstichter om te zeggen dat het niet doorging. Deze herinnerde haar uiteraard aan de handtekening. Kort daarop ontving Arie de oproep om zich te melden voor een korte opleiding bij de NSKK (Duitse transportorganisatie, een soort aan-en afvoertroepen) in België, wat geschiedde. Toen hij na enige weken met verlof naar Culemborg terugkeerde, wilde hij deserteren. Zover kwam het niet, want na enige dagen bleek hij daar difterie te hebben opgelopen en is thuis gestorven.

  • Cornelis ("Kees") Hazendonk woonde op de Korte Achterweg 12 en meldde zich als 18-jarige in 1942 al aan voor een korte opleiding bij de NSKK in België. Hij wilde, na het overlijden van zijn vader, de armoede thuis ontlopen en hem was een vrachtwagenrijbewijs en een salaris van 100 gulden p.m. in het vooruitzicht gesteld. Tijdens de opleiding liep hij al snel difterie op en overleed hieraan na zes weken, op 7 augustus 1942, in een Leuvens ziekenhuis.

  • De 19-jarige Wim Richter (geb. 24.01.1926 ) uit de 1e Triostraat was Duits Wehrmacht soldaat toen hij op 22 april 1945 in Pillau sneuvelde. Hij ligt in het Russische Baltijsk begraven. 
  • Zijn oudere broer Fritz is op 23 oktober 1943, op 20-jarige leeftijd in de rang van soldaat (Gefreiter), omgekomen bij de Wehrmacht in het Russische Novgorod. 
De vader van Willem en Frits was van Duitse afkomst en kwam na de Eerste Wereldoorlog in Culemborg wonen. Hij trouwde in 1914 met de plaatselijk bekende Paulina(Lientje) Borgstein en overleed in 1939. Hij heeft als bankwerker nog aan de Culemborgse spoorbrug gewerkt. Doordat hij zich niet had laten naturaliseren, werden alle vier de zoons van Richter opgeroepen dienst te nemen in het Duitse leger. Broer Hennie dook echter onder in De Bilt en broer Jan keerde na de capitulatie weer van het Duitse front terug. Frits, Jan en Henny waren lid van voetbalvereniging Vriendenschaar.
Dit is een Richter-familiefoto van omstreeks 1939 nabij de Lek met v.l.n.r.: Jo de Vries, verloofde van Jan die er naast staat, een broer van vader Fritz die bij de Kriegsmarine zat, Lientje, Gusta de oudste dochter met Antoon van Zuilekom en vooraan gehurkt Frits en Henny.

De laatste brief van Fritz aan zijn familie, zes dagen voor zijn overlijden

Ook Wim schreef nog een laatste brief naar huis: "Mama, ik heb de oorlog overleefd en hoop snel thuis te zijn..." Helaas is dat laatste niet meer gebeurd.
Het Rode Kruis stuurde na de oorlog een pakje met daarin de ring van Fritz en een brief dat hij overleden was. Van Wim kreeg de familie niets meer terug.
Toen de ondergedoken Hennie hoorde dat de oorlog voorbij was, ging hij naar huis en zwom daarvoor zelfs de Lek over. De Duitsers waren helaas nog in Culemborg en arresteerde hem alsnog. Leden van het Culemborgs verzet wisten hem echter weer te bevrijden.
Wim als lid van de landelijk bekende Culemborgse worstelclub Sterk door Vriendschap (SDV)
Frits Richter



 
Zoeken op deze website
Copyright 2016. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu