Dhr. G. de Wildt uit Beesd - Oorlogsslachtoffers Betuwe-West

Westbetuwse oorlogsslachtoffers
Ga naar de inhoud

Dhr. G. de Wildt uit Beesd

Gemeente West Betuwe > Gesn. Indiëgangers
Achternaam: Wildt  
Tussenvoegsels: de
Voornamen: Gijsbertus
Voorletters: G. Rang Dpl.Sld.14 Gi Vd
Mil. onderdeel: KL.
Geboorteplaats: Beesd
Geboortedatum: 07-01-1927
Overlijdensplaats: Padang Mil.   Hospitaal
Overlijdensdatum: 04-12-1949
Categorie: Militair
Begraafplaats: Nederlands ereveld Leuwigajah te Cimahi
Gemeente: Cimahi    
Land Indonesië
Vak: V
Nummer: 1039
Gijsbert  was de zoon van Jacob de Wildt uit Beesd (*1883-1943) en Areke van Wijk (*1893) uit  Deil. Ze trouwden in 1917 en kregen samen tien kinderen:
  • Anna Adriana Christina  (*1918)
  • Nicolaas (*1919)
  • Jacob (*1921)
  • Huibert (*1922)
  • Gijsbertus (1927-1949)
  • Nelis (*1928)
  • Janna Gijsberta (1930)
  • Theodora  (*1931)
  • Johannes (*1933)
  • Jan (*1933)
Het gezin woonde aan de (B272) Wilhelminastraat 21  te Beesd.

Gerard op de voorgrond in Fort Rhijnauwen, okt 1948

In 1948 werd Gerard opgeroepen voor 'zijn nummer' en werd hij ingedeeld  bij de 14e Genie Veldcompagnie. Hij kreeg eerst een korte opleiding in Fort  Rhijnauwen te Utrecht en vertrok vervolgens op 7 oktober 1946 met de ss Volendam naar Sumatra.


Lees hier een uitgebreid verslag van deze reis en de periode daarna, beschreven door een dienstkameraad van hem.

De 4e GnVeldcie,  opgericht als 2e pioniercompagnie  van het Depot Genietroepen, was een van de zogeheten "Calmeyer" eenheden. De 4e GnVeldcie  bestond uit drie werkpelotons en een E(lektro)M(echanisch)-peloton. Het  EM-peloton zorgde voor het onderhoud en herstel van alle stroom-licht aggregaten  en andere installaties in het aan de 4e GnVeldcie  toegewezen gebied. Na aankomst op Java werd de 4e GnVeldcie gelegerd in het ALGP (Algemeen Leger Genie Park) te Mr. Cornelis. Op 10 november 1946 werd de 4e GnVeldcie  gelegerd in Tjiandjoer. Het 3e peloton werd opgeheven, verdeeld en een verkenningsgroep opgericht. Het 1e peloton met detachementen te Tjipanas en Tjibeureum zorgde voor het onderhoud en verbetering van de konvooiweg Batavia - Bandoeng. De 4e GnVeldcie  werd ook ingezet bij het ruimen van explosieven, wegversperringen en het bouwen van bruggen. Op 15 maart 1947 werd de 4e GnVeldcie gelegerd in Tjimahi en begon men met voorbereidende werkzaamheden voor de 1e politionele  actie. Bij Lembang werden de uitvalswegen richting demarcatielijn verbeterd. Een detachement te Soekamiskin bouwde twee bruggen op de weg naar Oedjoengbrong en een detachement te Banlarkalong ruimde mijnen ten zuiden van Tjilampenie en Tjitaroem. Eind juni waren beide detachementen weer te Tjimahi.

Tijdens de 1e politionele  actie, op 21 juli 1947, was de 4e GnVeldcie, versterkt met een peloton van 16 LGT, ingedeeld bij de aanvalscolonne van de  W-Brigade ter ondersteuning van de opmars naar Pekalongan en Soebah. Het 1e peloton  was ingedeeld bij 16 LGT (V-Brigade) en trok via Cheribon op naar Gombong. Na de  1e politionele actie werd  de 4e GnVeldcie gelegerd in Pekalongan met later o.a. secties te Tegal, Pemalang, Loempang en Randoedongal.  Het 1e peloton was gelegerd  in Banjoemas en werd ingezet bij het vrijmaken van de weg naar Belik. Op 9  september werd, uit een deel van de staf en het EM-peloton, het 3e peloton  gevormd. Op 30 september keerde het 1e peloton terug bij de 4e GnVeldcie.  Een dag later werd de 4e GnVeldcie verplaatst naar West-Java. Het 3e peloton  werd gelegerd in Weleri (BaCo Semarang). De 4e GnVeldcie nam o.a. deel aan het herstel van de weg Garoet-Malongbong, de weg naar  Pameunpeuk en aan het herstel van het vliegveld. Op 28 november werd de 4e GnVeldcie  ingedeeld bij de V-Brigade en o.a. gelegerd te Bandjar, Poerwokerto, Bondjok,  Wangon, Banjoemas en Karangpoetjan. Op 9 januari 1948 kwam het 3e peloton terug en werd gelegerd te Poerwokerto en Blandongan. Op 30 juni werd het 2e peloton  verplaatst naar Semarang. In november werd het 3e peloton weer opgeheven. In december 1948 was de 4e GnVeldcie  gelegerd in Poerwokerto en Semarang.

De compagnie werd op 11 augustus 1949 gerepatrieerd en kwam op 9 september 1949 met de Waterman aan in Rotterdam. Gijs was de enige van de compagnie die in Indië was omgekomen.

Gijs werd met malaria in het najaar van 1949 in een hospitaal in Padang (West-Sumatra) opgenomen.  Hij overleed op 4 december 1949 en werd door zijn kameraden, w.o. dorpsgenoot Jan van Dommelen, met veel militair eerbetoon daar  begraven.





Met dank voor bovenstaande foto's aan Gina van Wijk, wiens vader een dienstkameraad was van Gerard.

Later is Gijs herbegraven op Kembang Kuning in Soerabaja en vervolgens op het Nederlands ereveld Leuwigajah te Cimahi  .


Bron: "Beesd 1938-Indie 1951" van dhr. Kielestein
Terug naar de inhoud