Dhr. C.J. de Kock - Oorlogsslachtoffers Betuwe-West

Westbetuwse oorlogsslachtoffers
Ga naar de inhoud

Dhr. C.J. de Kock

Gemeente West Betuwe > Burgerslachtoffers: > Neerijnen
Achternaam: Kock
Tussenvoegsels: de
Voornamen: Cornelis Jan
Voorletters: C.J.
Beroep: Inspecteur der B.B.N.,secretaris vervoersorganisatie, lid verzet
Geboorteplaats: Waardenburg
Geboortedatum: 16-05-1911
Overlijdensplaats: Siegburg,   Siegkreis
Overlijdensdatum: 14-03-1945
Categorie: Burger
Begraafplaats: Nederlands ereveld Loenen
Gemeente: Apeldoorn
Provincie: Gelderland
Vak: C
Nummer:151
De ouders van Kees waren Reijer de Kock (*1882) en Dirkje van Zijderveld (*1886). Ze trouwen in Est en Opijnen op 26-08-1909.
Ze kregen samen tien kinderen:
  • Antje  (*1909)
  • Cornelis Jan (*1911)
  • Sanderijntje  Gerdina (*1914)
  • Janna (*1915)
  • Sander (1916-1986)
  • Gerrit Jan (*1918)
  • Reijertje (1920-1981)
  • Dirk (*1922)
  • Wilhelmina (1923-1999)
  • Jan Gijsbert (1925)

Het gezin woont in bij de ouders van Reijer, alsmede de moeder van Dirkje.
Kees was geboren in Waardenburg.
Hij trouwde rond 1930 met de Arnhemse Clasina Hendrika Dekker (1911-1995) en ging in Meteren wonen. Ze kregen daar samen vijf kinderen:
  • Reijer  (1931-1946)
  • Dirkje (1931-1931)
  • Marie (*1933)
  • Dick (*1935)
  • Clara (*1937)
  • Dirkje "Dits" (*1939)






In het najaar van 1939 werd Kees gemobiliseerd.

Rond 1941 scheidde Kees en Clasina en Kees vertrok vervolgens naar de Mauritsweg 10 in Doorn en hertrouwde daar met Gré Friesema, die al vier kinderen had. Later verhuisde dit gezin naar Est. Hij kreeg samen met zijn tweede vrouw één zoon.
Kees was actief bij het verzet in Amsterdam en werd om die reden daar op 7 oktober 1943 gearresteerd wegens wapenbezit, sabotage en spionage. Op 16 december 1943 werd  hij ter dood veroordeeld en overgebracht naar cel 604 van Oranjehotel te Scheveningen. Hij kreeg vervolgens gratie en verbleef daar in cel 523.
Vervolgens werd hij  op 12 juli 1944 via Kamp Vught en Utrecht overgebracht naar
 
tuchthuis Rheinbach in Kleef. De Duitse Hoge Raad in Nijmegen veroordeelde hem op 14 december 1943 tot tien jaar gevangenisstraf wegens verboden wapenbezit.
Op 8 augustus 1944 werd hij naar het nabijgelegen tuchthuis Siegburg overgebracht. Hier heerste in februari-maart 1945 een vlektyfusepidemie. Op
 
2 maart 1945 werd Kees hierdoor besmet en op 14 maart 1945 is hij aan deze ziekte overleden.
 
Hij werd op het Nordfriedhof in Siegburg, Grab E 24 Nr. 89 begraven. Zijn stoffelijk overschot is in november 1951 vanuit Duitsland overgebracht naar de oude begraafplaats in Meteren. Later is hij herbegraven op het Ereveld te Loenen.

Bron:  Parool 12 juli 1945  

Klik hier voor de officiële overlijdensakte (Bron: CBG)

Met dank aan mevr. Van Ooijen-de Kock en de ITS in Bad-Arolsen
Terug naar de inhoud