Crash Geldermalsen 1945 - Oorlogsslachtoffers West-Betuwe

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Crash Geldermalsen 1945

Gemeente Geldermalsen > Gesn. Geallieerde militairen > Gesn. Engelsen en Nieuw-Zeelanders
Name: HARDMAN,   FRANK
Rank: Flight Lieutenant
Trade: Pilot
Service No:414285
Born: 13 /10/1918
Date of Death: 02/02/1945
Age: 26
Regiment/Service:
Royal New Zealand Air Force 74 (R.A.F.) Sqdn
Grave Reference: Plot 1. Row A. Grave 2.
Cemetery: WADENOIJEN PROTESTANT CHURCHYARD
Additional Information:Son of Ernest and Mary Alice Hardman, of Epsom,  Auckland, New Zealand.
Deze Nieuw-Zeelandse piloot werd door Duits afweergeschut nabij het station van Geldermalsen beschoten en stortte neer nabij Wadenoyen.
Flying officer John Bennet herinnerde zich nog het volgende: "Frank vloog naast me toen  we ineens nabij Geldermalsen door Duitse luchtafweer (Flak) werden beschoten. Zijn toestel werd al  snel geraakt en viel als een blad naar beneden. We schreeuwden door de radio om  eruit te springen, maar ineens zagen we hem niet meer."
(Bron: Departed Warriors  van Jenny Murland)

74e Squadron Badge
Een tijger gezicht goedgekeurd door ZKH Koning George VI in februari 1937. Ontwikkeld op   basis van een niet-officiël embleem dat werd gebruikt tijdens de Eerste   Wereldoorlog.
Squadron Codes:
JH (februari 1939 - sep 1939) ZP (sep 1939 - april 1942) 4D (april 1944   - mei 1951
  
Actief:
7.1.1917-07.03.1919
3 september 1935-31 augustus 1971
19 oktober 1984-01 oktober 1992
5 oktober 1992-22 september 2000
Bijnaam: Trinidad
Spitfire neergeschoten

"Het was een heldere winterdag op vrijdag 2 februari 1945," zo vertelde  mij Manus de Weerd van de Lingedijk (toen Hogedijk) in Wadenoijen. Hij was de  koeienstal aan het uitmesten bij Streef op het Groot-Westerhout. Deze boerderij  is gelegen aan de Tielerweg onder Geldermalsen aan de Linge. Men hoorde opeens  schoten van het 88 mm. Duitse afweergeschut dat was opgesteld aan de andere kant  van de Linge onder Erichem, aan de Erichemsekade ter hoogte van de boerderij Lingestein. Deze werd toen bewoond door de familie van Steenis. "Wij renden naar buiten om te kijken wat er aan de hand was en zagen een Engels Spitfire  jachtvliegtuig over komen met een brandende staart. De jager vloog richting Wadenoijen. "Wij erachteraan," vervolgde Manus, "en we zagen hem neerkomen vlak  bij de watermolen aan de Lingedijk (dat heette toen 'de Velate') op ongeveer  1000 meter ten oosten van het Westerhout en 200 meter van het huis waar ik toen  met mijn ouders woonde (nu woont daar de familie van Straver).
Ook Klaas Pippel, de molenaar, die in de molen woonde, zag het toestel aankomen. Hij stak snel de  Lingedijk over naar het huis van mijn vader en riep dat deze het huis zo snel mogelijk moest verlaten, omdat hij bang was dat het vliegtuig daarop zou  storten. In korte tijd waren de Duitsers ook bij het neergestorte toestel en zetten de Lingedijk in Wadenoijen en Geldermalsen af. En hielden het publiek dat  snel toestroomde op een afstand." George Kars, de zoon van Johan Kars de timmerman weet zich nog het volgende te herinneren: "Rudy van Ooijen (Rudy was met zijn ouders bij Krijn van Keulen geëvacueerd) en ik zagen een Engelse jager met een brandende staart vanuit Geldermalsen aankomen. Hij stortte in de Velate, nabij de watermolen, neer. Wij op een fiets zonder luchtbanden er naartoe. Voor we daar aankwamen waren de Duitse soldaten er ook al.
Op een zeker ogenblik werden de Duitsers en wij ook door twee aanvliegende Engelse jagers onder vuur  genomen. We zochten dekking achter de waterkade in een sloot. Ik kan mij nog herinneren, toen wij daar lagen, dat op een afstand van een paar meter naast ons de kogels zich in de grond boorden. Er werd niemand geraakt, maar het was wel een van de gevaarlijkste momenten voor mij uit de Tweede Wereldoorlog. Later werden er hekken om het wrak geplaatst, om te voorkomen dat mensen uit Wadenoijen en Geldermalsen er bloemen brachten, maar volgens Manus hielp dit niet want er werden toch bloemen in het hekwerk gestoken, dit tot ongenoegen van de Duitsers.
De piloot van het toestel was de 26-jarige Flight Luitenant Frank  Hardman, registratienummer 414285. Hij diende bij het 74e Squadron van de RAF.  Hij was geboren in Auckland, Nieuw Zeeland op 13 oktober 1918.
Manus vervolgde: "De volgende dag werd mijn vader door de Duitsers erbij  geroepen. Hij moest een arm begraven met daar omheen een legerblauw stuk mouw van een trui. Verder is er niets van hem teruggevonden. In het najaar van 1945  is hij opnieuw begraven op het kerkhof in Wadenoijen." Hierover vertelt Manus: "Hend  Westrienen, de toenmalige begrafenisondernemer en Johan Kars, de timmerman (deze  maakte toen de grafkisten), kwamen met de fiets (auto's waren er toen niet  meer), met daar achterop een klein kistje, om de arm op te graven en deze te herbegraven op het kerkhof. Mijn vader werd erbij gehaald om de plaats aan te  wijzen, waarna ze lopend naar het kerkhof zijn gegaan om het te begraven. Ongeveer anderhalf jaar later heeft een bergingsbedrijf uit Brabant geprobeerd het toestel te bergen maar vanwege het vele water en de drassigheid van de grond was dat niet mogelijk."

De heren G. Kars en M. de Weerd achter een bewaard gebleven band van de Spitfire die in 1945 bij de watermolen was neergestort.
De oorspronkelijke graven van verongelukte vliegeniers in Wadenoyen. Rechts het eerste graf van Frank Hardman, links het graf van de bemanning waarvan het vliegtuig was neergestort in Het Broek.

Bron: De drie steden 2005 - jaargang 26 - nummer 2. Auteur: Jan van de Kop  
 
Zoeken op deze website
Copyright 2016. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu